Current research: Mega Meta project

It is key to understand the etiology and risks for the onset, relapse, and chronicity of common mental disorders to identify people at risk and improve preventive and acute treatment interventions. However, there is a lack of overview of the evidence for factors that predict or are related to common mental disorders. Due to a big data problem, it is impossible to synthesize all evidence using traditional systematic reviews.

The mega meta project, funded by Centre for Urban Mental Health and a cooperation between Amsterdam UMC, University of Utrecht, and University of Amsterdam, is a large systematic review that aimed to synthesize (meta-analyze) all prospective evidence for factors, mechanisms of change and interaction of factors related to the onset, maintenance, and relapse/recurrence of three common mental disorders: Anxiety, substance use, and depressive disorders. The systematic searches, selection, and data checks were conducted using ASReview between June 2021 and July 2022. See my publications for the most recent updates on this project.

I am the coordinator of this project. Want to know more? Please contact me.

Current research: Youth

As a postdoc researcher and licensed health care psychologist I work with youth (17-25) on a daily basis. In my previous role as coordinator and current role as health care psychologist, I have a large role in setting up and evaluating the diagnostic procedures and treatment interventions. We are now for example piloting the use of ecological momentary assessment and wearables in the clinic and in research.

Currently I am involved in several research projects focusing on youth:
– Attachment Based Family Therapy
– Investigating microbiome before and after treatment for depressive disorders
– Systematic review into the effects of ECT on depressive symptoms in youth
– Relapse prevention interventions for youth remitted from anxiety and/or depression

Current research: HERSTEL-study

One in five people will go through a depressive episodes during life. During a depressive episode, people often feel sad (e.g. empty or hopeless), or they have less interest or pleasure in activities. Professionals usually call this a depressive disorder when this feeling continues for at least two weeks, in combination with several other symptoms including fatigue, disturbed sleep, concentration problems, or suicidal thoughts.

Some of these characteristics can remain present after recovery from a depression, called residual symptoms. This is then called partial recovered depression. Partially recovered depressed patients are at risk for a depressive relapse. The optimal treatment for partial recovery is yet unknown. A potential effective strategy to achieve full recovery and reduce the risk of relapse is investigated in the HERSTEL-study. This strategy combines a relapse prevention training with serious games to train your brain. I am one of the co-supervisors, a postdoc researcher, and clinician in this project.

See the website of HERSTEL study for more information

Therapie of antidepressiva tijdens zwangerschap: kan dat?

Promovenda Marlies Brouwer van de Universiteit Utrecht wilde weten of zwangeren wel of niet gebaat zijn bij het doorslikken van antidepressiva. Daartoe heeft Brouwer een eerste wereldwijd gerandomiseerde studie gedaan naar een kortdurende psychologische training in combinatie met het afbouwen van antidepressiva tijdens de zwangerschap (Stop or Go studie).

Voor haar onderzoek bleven sommige, van hun depressie herstelde, zwangere vrouwen antidepressiva doorslikken tijdens de zwangerschap. Anderen bouwden de antidepressiva af en volgden een kortdurende psychologische training (Preventieve Cognitieve Therapie (PCT)). Brouwer: “De resultaten van mijn studie impliceren dat zwangeren die de kortdurende training volgden mogelijk even goed zijn beschermd tegen veranderingen van emoties en terugval van depressie als de moeders die de antidepressiva doorslikten.”

Geen lager geboortegewicht

Ook bleek uit Brouwers promotieonderzoek dat het afbouwen van antidepressiva met het volgen van de training niet leidde tot lager geboortegewicht. “Dit is een eerste indicatie dat het afbouwen van antidepressiva in combinatie met de training een mogelijke optie is voor zwangere vrouwen die hersteld zijn en geen antidepressivum meer willen slikken.”

Daarmee kunnen we positieve effecten en negatieve effecten op het kind niet uitsluiten.


Wat zwangere vrouwen die nog wel kampen met angst of depressie het beste kunnen doen, is nog onduidelijk. Internationale richtlijnen, zoals die in Engeland en Amerika worden toegepast, schrijven voor om alle zwangere vrouwen te screenen en vervolgens te behandelen voor depressie en angst. Dit gebeurt ook met de onderliggende gedachte dat wat werkt en goed is voor de zwangere vrouw, ook de negatieve gevolgen van de psychische stoornissen voorkomt of vermindert bij de kinderen. In haar proefschrift adviseert Brouwer voorzichtig te zijn met deze aanbeveling wat betreft de kinderen. “Er zijn nu gerandomiseerde studies naar het effect van antidepressiva op de baby. Daarmee kunnen we positieve effecten en negatieve effecten op het kind niet uitsluiten. Van psychologische behandelingen tijdens de zwangerschap kunnen we de positieve of negatieve gevolgen voor het kind ook niet uitsluiten. Meer onderzoek is echt noodzakelijk.”


De resultaten van Brouwers promotieonderzoek worden vrijdagochtend 7 juni gepresenteerd op het symposium Exploring approaches to prevent common mental disorders. Meer informatie over het symposium is te vinden op de linkedin-pagina van de promovenda.

Dit is een persbericht van de Universiteit Utrecht.